Lexis Rex Home

Duits Woord van de dag

gestern



gisteren
gisteren


Definities

Duits > Nederlands
gestern
     gisteren
Duits > Duits
gestern
     Adverb:
     [1] Zeitangabe: der Tag vor dem heutigen Tag
          [1] Wir haben gestern eine Fahrradtour gemacht.
Nederlands > Duits
gisteren
     gestern

Voorbeeldzinnen

Ich habe gestern den ganzen Tag geschlafen.
    Ik heb gisteren de hele dag geslapen.
Er ist gestern aus dem Ausland zurückgekehrt.
    Hij kwam gisteren terug uit het buitenland.
Ich habe mir gestern die Haare schneiden lassen.
    Ik heb gisteren mijn haar laten knippen.
Gestern hatten wir Spass.
    Wij hebben ons gisteren geamuseerd.
Sie ist gestern dahin gegangen.
    Ze is daar gisteren naartoe gegaan.



Vorige woorden herzien


Willekeurig





Leer
Woord van de dag
Meerkeuzevraag
Flashkaarten
Bingo
Verborgen afbeelding
Galgje
Woordzoeker
Geheugen
Kruiswoordpuzzel




Abonneer u op Woord van de Dag
E-mail: