Lexis Rex Home

Duits Woord van de dag

gestern



gisteren
gisteren


Definities

Duits > Nederlands
gestern
     gisteren
Duits > Duits
gestern
     Adverb:
     [1] Zeitangabe: der Tag vor dem heutigen Tag
          [1] Wir haben gestern eine Fahrradtour gemacht.
Nederlands > Duits
gisteren
     gestern

Voorbeeldzinnen

Gestern war es warm.
    Het was heet gisteren.
Ich habe gestern kein Buch gelesen.
    Ik heb gisteren geen boek gelezen.
Er las das Buch gestern.
    Hij las het boek gisteren.
Mir ist, als wäre es erst gestern gewesen.
    Ik herinner het mij alsof het gisteren was.
Sie muss es gestern getan haben.
    Zij moet het gisteren gedaan hebben.



Vorige woorden herzien


Willekeurig





Leer
Woord van de dag
Meerkeuzevraag
Flashkaarten
Bingo
Verborgen afbeelding
Galgje
Woordzoeker
Geheugen
Kruiswoordpuzzel




Abonneer u op Woord van de Dag
E-mail: