Lexis Rex Home

Duits Woord van de dag

Apotheker



apotheker
apotheker

Geslacht

Het geslacht van de Apotheker is mannelijk. Bijv. der Apotheker. De vrouwelijke vorm is die Apothekerin.

Definities

Duits > Nederlands
Apotheker
     apotheker
Duits > Duits
Apotheker
     [1] Fachmann für Arzneimittel; typischerweise Inhaber oder auch Angestellter einer Apotheke
          [1] Ich lasse mich gern auch vom Apotheker beraten.
          [1] „Das kommt von daher, weil der Apotheker Heilborn jener milden Art von Verrücktheit verfallen ist, die man in plattdeutschen Gegenden Mallheit nennt.“
Nederlands > Duits
apotheker
     Apotheker, Apothekerin

Uitspraak




Voorbeeldzinnen

Was hat der Apotheker denn gesagt?
Ich lese Beipackzettel und frage meinen Arzt oder Apotheker!



Vorige woorden herzien


Willekeurig





Leer
Woord van de dag
Meerkeuzevraag
Flashkaarten
Bingo
Verborgen afbeelding
Galgje
Woordzoeker
Geheugen
Kruiswoordpuzzel




Abonneer u op Woord van de Dag
E-mail: