Lexis Rex Home

Italiaans Woord van de dag

bocca



mond
mond

Geslacht

Het geslacht van de bocca is vrouwelijk. Bijv. una bocca.

Meervoud

Het meervoud van bocca is bocche.

Definities

Italiaans > Nederlands
bocca
     1. mond, bek
Italiaans > Italiaans
bocca
     1. sost. (anatomia) orifizio attraverso cui gli animali si cibano ed è anche la prima parte dell'apparato digerente
Nederlands > Italiaans
mond
     1. sost. bocca

Uitspraak




Voorbeeldzinnen

Il cane aveva un pezzo di carne in bocca.
    De hond had een stuk vlees in zijn bek.
Mi hai tolto le parole di bocca.
    Je hebt me de woorden uit de mond gehaald.
Lui parlava con una pipa in bocca.
    Hij praatte met een pijp in zijn mond.
A caval donato non si guarda in bocca.
    Een gegeven paard mag je niet in de bek kijken.
Non parlare a bocca piena.
    Praat niet met een volle mond.



Vorige woorden herzien


Willekeurig





Leer
Woord van de dag
Meerkeuzevraag
Flashkaarten
Bingo
Verborgen afbeelding
Galgje
Woordzoeker
Geheugen
Kruiswoordpuzzel




Abonneer u op Woord van de Dag
E-mail: