Lexis Rex Home

Duits Woord van de dag

Strand



strand
strand

Geslacht

Het geslacht van de Strand is mannelijk. Bijv. der Strand.

Meervoud

Het meervoud van Strand is Strände.

Definities

Duits > Nederlands
Strand
     strand
Duits > Duits
Strand
     [1] in ein Gewässer hineinragender, langgestreckter, flacher, sandiger oder kiesiger Streifen Land, besonders der bespülte Saum des Meeres
          [1] Wir gehen an den Strand.
          [1] „Der Strand war menschenleer und öde.“
          [1] „Unten am Strand schützte Alf die Seinen vor der Flut durch hohe Wälle aus Sand, die in einem Halbkreis an die rote alte Ufermauer stießen.“
          [1] „Sie gingen weiter, bis sie plötzlich draußen am Strand waren, und genau wie Sven gesagt hatte, wurde es dort heller.“
          [1] „Kolumbus war überzeugt, dass er an einer kleinen Insel vor der Küste Ostasiens angelangt war, und dass die Menschen, denen er am Strand begegnete, Inder waren (weshalb die Ureinwohner bis heute als »Indios« oder »Indianer« bezeichnet werden).“
Nederlands > Duits
strand
     Strand

Uitspraak




Voorbeeldzinnen

Ich verbrachte den ganzen Tag am Strand.
    Ik bracht de hele dag door aan het strand.
Er sagt, er habe es am Strand gefunden.
    Hij zegt dat hij het op het strand heeft gevonden.
Im Sommer gehe ich oft an den Strand zum Schwimmen.
    In de zomer zwem ik vaak in de zee.
Wir können unsere Zelte nicht da am Strand lassen, wo sie jetzt sind. Sonst stehen sie, wenn die Flut kommt, unter Wasser.
    We kunnen onze tenten niet op het strand laten waar ze nu staan. Als we dat doen, zullen ze bij vloed onderwater komen te staan.
Sie saß auf dem leeren Strand und betrachtete die Wellen, wie sie, eine nach der anderen, heranrollten.
    Ze zat op een leeg strand naar de één voor één aanspoelende golven te kijken.



Vorige woorden herzien


Willekeurig





Leer
Woord van de dag
Meerkeuzevraag
Flashkaarten
Bingo
Verborgen afbeelding
Galgje
Woordzoeker
Geheugen
Kruiswoordpuzzel




Abonneer u op Woord van de Dag
E-mail: