Lexis Rex Home

Spaans Woord van de dag

hija



dochter
dochter

Geslacht

Het geslacht van de hija is vrouwelijk. Bijv. la hija.

Meervoud

Het meervoud van hija is hijas.

Definities

Spaans > Nederlands
hija
     1. dochter
Spaans > Spaans
hija
     1. nf. Individuo de sexo femenino respecto a cualquiera de sus progenitores.
           Uso: se emplea también como vocativo afectuoso
     2. nf. Por extensión, esposa o pareja del hijo.
           Uso: coloquial
     3. nf. Por extensión, individuo de sexo femenino con respecto al lugar en el que ha nacido o crecido.
     4. nf. Por extensión, cosa cualquiera respecto de su autor, diseñador o inventor.
     5. nf. Por extensión, religiosa respecto de su orden.
Nederlands > Spaans
dochter
     1. hija

Uitspraak




hija

Voorbeeldzinnen

Mi hija tiene un amigo imaginario.
    Mijn dochter heeft een denkbeeldige vriend.
La verdad es hija del tiempo.
    De waarheid is de dochter van de tijd.
Ella no pudo impedir que su hija saliera.
    Ze kon haar dochter er niet van weerhouden om uit te gaan.
¿Cómo se llama tu hija?
    Wat is de naam van uw dochter?
Eres mi hija.
    Je bent mijn dochter.



Vorige woorden herzien


Willekeurig





Leer
Woord van de dag
Meerkeuzevraag
Flashkaarten
Bingo
Verborgen afbeelding
Galgje
Woordzoeker
Geheugen
Kruiswoordpuzzel




Abonneer u op Woord van de Dag
E-mail: